Category Archives for interviews

Tess Franke – Een interview

Gert Jan of Tess, zou je jezelf willen voorstellen aan de lezers?

Gert Jan de Vries is een saaie huisvader van tegen de vijftig die dagelijks kinderen naar school brengt en boodschappen doet. Laten we het over hem maar niet hebben. Tess Franke is een advocate van iets over de veertig die haar beroep heeft moeten opgeven en die uit heimwee schrijft over de wereld waaruit ze is verbannen. Ze herkent veel van zichzelf in Gert Jan de Vries en weet dat dat wederzijds is.

Hoe ontstaan de ideeën voor je boeken en meer in het bijzonder, hoe is het idee voor In haar eer ontstaan? Je hebt ergens gezegd, dat het verhaal op een ware gebeurtenis is gebaseerd en dus geen fictie is.

De ideeën komen me voortdurend aanwaaien. De Bezieling begon bij de media-hype die Peter R. De Vries op gang bracht rond Joran van der Sloot. Ik moest er iets mee en werkte het om tot iets heel anders dan nog wel handelde over trial-by-media. Maskerade bevat een ferme omwerking van de thematiek die speelde rond Lucia de Berk. In haar eer komt uit een aantal bronnen die ik geen van alle zal verklappen. Het beginverhaal is ontleend aan iets wat ik van heel dichtbij meemaakte. Ook weer een zaak die voor de rechter én in de media kwam. En weer een zaak waarin de media alle nuances en alle menselijke waardigheid uit het oog verloren. Uiteindelijk is dat – als ik er nu op terugkijk – de rode draad door die verschillende boeken. De sensatiezucht van journalisten is uiteindelijk slopend voor alle mensen die in zo’n zaak betrokken zijn, ongeacht of ze dader of slachtoffer zijn. Journalistiek onbegrip maakt alles erger.De beproeving

Bepaalde gebeurtenissen in het boek beschrijf je heel expliciet. De thematiek van het verhaal is nogal beladen en gedetailleerde beschrijvingen kunnen die beladenheid alleen maar vergroten. Is dat een bewuste keuze? Heb je daar een bedoeling mee? Ik kan mij voorstellen dat het een groep lezers afschrikt.

Natuurlijk is dat een bewuste keuze, al moet ik zeggen dat ik het ook onbewust gedaan zou kunnen hebben. Ik schrik niet snel terug voor heftigheid. Ik ben geen crowd-pleaser. Ik wil over wezenlijke dingen schrijven en die kunnen wel eens zeer doen. Louis Paul Boon had als adagium dat je als schrijver de mensen een geweten moet schoppen. Ik neem hem als voorbeeld. De mensheid in slaap sussen of vermaken doen andere schrijfsters al voldoende.

De ware identiteit van Tess Franke is lange tijd geheim gebleven. Jarenlang hebben lezers gedacht dat je een vrouw was (en zelf gaf je ook geen enkele aanleiding om er anders over te denken). Heeft het bekend worden dat Tess Franke in werkelijkheid Gert Jan de Vries was, een recensent, veel stof doen opwaaien? Is die verandering soepel verlopen?

Er waren wat collega schrijfsters ernstig ontdaan, maar na de eerste week heb ik daar nooit meer wat van gemerkt. De kranten maakten allemaal melding van de merkwaardige dubbelrol, maar deden er verder nauwelijks iets mee. Het was een storm in een glas water.

De bezielingWaarom heb je een vrouwelijke hoofdpersoon gekozen voor je boeken? Is dat voor jou als man niet moeilijker om je in haar te verplaatsen?

Ik vind vrouwen veel interessanter dan mannen en zeker in maatschappelijk perspectief veel relevanter. Je in een ander verplaatsen is essentieel aan literatuur. Het is noodzakelijk en ik ben wel zo eigenwijs om te durven zeggen dat ik het kan. Bedenk het omgekeerde eens, dat je als man alleen realistische mannen neer zou kunnen zetten. Dat komt er dus geen enkele vrouw meer voor in een mannenboek – hmm, dat is helaas maar al te vaak waar. Of geen enkele herkenbare man in een vrouwenboek. En overigens is het grotendeels een literaire truc. Uiteindelijk ben ik Femke Wolzak gewoon zelf, maar dan slanker, getint, voorzien van een dun laagje make-up en – o ja – van het andere geslacht.

Je hebt groot aanzien verworven als recensent. Is het voor jou met die achtergrond moeilijk om te schrijven? En nu anderen jou werk recenseren en je geconfronteerd wordt met meningen en oordelen die misschien niet altijd even positief zijn of juist wel, heeft dat invloed op je schrijverschap?

Groot aanzien? Aardig dat je dat zegt. Schrijven heb ik er eigenlijk altijd naast gedaan. Of beter: het recenseren heb ik er altijd naast gedaan, want schrijven is altijd nr. 1 geweest. Dat de verwevenheid van die twee tot ingewikkelde vooroordelen zou leiden was een van de belangrijkste redenen om een pseudoniem te hanteren. Ik lees kritieken altijd goed om te kijken of er iets bruikbaars in staat. Goeie recensenten kunnen je op tekortkomingen wijzen en ook heel waardevolle suggesties doen.

Femke wil door haar partners afgerekend worden op wie zij is en wat zij doet. Haar partners hanteren echter een andere maatstaf namelijk : de urenstaten.  Een dergelijke benadering heeft tot gevolg datMaskerade bijvoorbeeld  de creativiteit bij de beroepsuitoefening ingeperkt wordt. Het is een tendens die je in de gehele maatschappij ziet. Hoe kijk je tegen deze ontwikkeling aan?

Nou, daar geeft het boek m.i. ruim antwoord op. Op het moment dat ik deze vraag beantwoord zijn net de kruitdampen boven Haren opgetrokken. Ook daarvan denk ik dat creativiteit meer had opgeleverd dan de krampachtigheid waarmee men nu heeft gereageerd. De gemeente had de kans te baat kunnen nemen om er een soort Woodstock te laten ontstaan. Dat had geld gekost, maar wellicht ook iets opgeleverd. Nu hebben ze alleen brokken.,

In 2011 stond je met je boek Maskerade op de longlist voor de Gouden Strop. Zo’n voordracht lijkt mij heel bijzonder. Wat vind je van het niveau van de Nederlandse misdaadliteratuur?

Ik was heel blij met die prenominatie. Over mijn collega’s laat ik me als schrijver niet uit. Dat heb ik als recensent voldoende gedaan.

Je hebt nu 5 boeken geschreven over Femke Wolzak. Zij heeft in die boeken een ontwikkeling doorgemaakt. Ben je van plan om nog lang met haar door te gaan of heb je een houdbaarheidsdatum in gedachten?

Ik kan niks totdat het boek officieel is verschenen. Geen ruimte in mijn hoofd. Vraag het me volgende maand nog eens.

In haar eerDe ontwikkelingen met betrekking tot digitaal lezen en digitale boeken neemt een steeds hogere vlucht. Met name het Canadese  ereadingplatform Kobo doet op de internationale boekenmarkt van zich spreken. Met deze ontwikkeling hangt piraterij nauw samen. Zie je dit als een gevaar?  Sommigen beweren dat in de niet al te verre toekomst schrijvers nog nauwelijks een fatsoenlijk inkomen kunnen verdienen als gevolg van deze ontwikkelingen.

Ik zie het als een enorme kans voor schrijvers. Wat je wellicht niet weet is dat Gert Jan de Vries mede-exploitant is van een Kobo-achtig platform genaamd Boenda. Daar kun je eBoeken direct van de schrijver kopen. Dat is veel goedkoper en levert de schrijver veel meer op. GJ denkt dat piraterij een tegenreactie is op ongezonde marktsituaties en te hoge prijzen. Liefhebbers hebben heus wel wat over voor hun hobby, al was het maar ui eigenbelang. Ik denk wel dat GJ daar gelijk in heeft.

Je schrijfstijl is doorspekt met humor. Ondanks de zwaarte van het onderwerp  heb ik toch regelmatig moeten lachen. Welk rol dient humor volgens jou te spelen?

Ontlading.

Ben je alweer bezig aan een boek? Zo ja, misschien kun je hierover iets vertellen?

Nee, nee en nog eens nee. GJ wel. Die schrijft een geleerd boek over wat mensen de afgelopen honderd jaar hebben gelezen in Nederland. Daar moet je hem bij gelegenheid maar eens naar vragen.

 

Een interview met Kisling & Verhuyck

Enige tijd geleden heb ik het boek Zwarte Kant van het schrijversechtpaar Kisling&Verhuyck gelezen en ik was nogal enthousiast over dat boek. Dat enthousiasme is niet ongemerkt voorbij gegaan. Ine Jacet van Misdaadromans.nl leek het een leuk idee om een interview met de schrijvers te houden en dat hebben wij gedaan. Het resulaat zie je hieronder. Veel leesplezier.

————–

Misschien willen jullie jezelf even kort voorstellen aan de lezers?

Corine Kisling studeerde Frans aan de universiteit Leiden. Ze is actief als literair vertaler, en publiceerde vijf romans, alvorens met haar echtgenoot Paul Verhuyck vier romans te publiceren onder de naam Kisling&Verhuyck: Het leugenverhaal (2007), Kwelgeest (2008), De duim van Alva (2010), Zwarte kant (2012).

Paul Verhuyck doceerde van 1972 tot 1999 Franse en Occitaanse literatuur aan de universiteit Leiden, en publiceerde naast wetenschappelijke publicaties (vaak in het Frans) eveneens vijf romans, alvorens met Corine Kisling de vier bovenvermelde duo-romans te schrijven. Alle romans verschenen bij De Arbeiderspers.

Meer info op www.paulverhuyck.com en www.kisling.nl

Kisling & Verhuyck

Hoe ontstaan de ideeën voor jullie boeken?  En hoe is het idee voor Zwarte kant ontstaan?

Het idee voor een roman komt altijd voort uit een historisch gegeven waar iets mee aan de hand is of waarbij je je vragen kunt stellen.
Zo is Het leugenverhaal  gesitueerd in het land van Reynaert, waar we tegenwoordig wonen (Zeeuws-Vlaanderen). In de roman combineren we de Reynaert met de Graal, waarover voor het eerst sprake is in Gent, eind twaalfde eeuw.
Kwelgeest gaat over de zeldzame oudste teksten over Uilenspiegel uit circa 1500. Tijdens een onderzoek had Paul gemerkt dat een geleerde de oudste Uilenspiegel-tekst had gekocht maar deze tekst niet vrijgaf en voor zichzelf hield. Dat werd het vertrekpunt van onze roman: waarom doet iemand zoiets?
De duim van Alva speelt in de hippe Antwerpse buurt Het Zuid. Die buurt is gebouwd op de dwangburcht van de gehate hertog van Alva. We vertrekken van het gegeven dat kwalijke restanten daarvan elk jaar geactiveerd worden door de decibels van de grote Antwerpse Pinksterkermis, de “Sinksenfoor”.
Het idee voor Zwarte kant is ontstaan tijdens een vakantie in de Dordogne toen we een oud troubadourskasteel bezochten, waar we te woord werden gestaan door een arbeider, die vervolgens ook de geleerde gids bleek te zijn en uiteindelijk de kasteelheer zelf. We wisten meteen dat we hier ooit iets over wilden schrijven. We hebben dat gegeven gecombineerd met een heel ander kasteel, waarvan de eigenaar een (bescheiden) collectie memorabilia van Marie-Antoinette had opgebouwd. In Zwarte kant hebben we de kastelen in hetzelfde dorp gezet en een oude vete gecreëerd tussen de kasteelheren.

Het leugenverhaal

Waarom schrijven jullie historische misdaadromans?

Onze romans zijn in feite geen historische romans want de plot ontwikkelt zich op basis van conflicten in de 21e eeuw, in het heden dus. Maar die conflicten worden gevoed door “oud zeer”, een soort “cold cases” uit vorige eeuwen. Historische gegevens dus, die nog altijd voor conflicten en zelfs misdaden in het heden kunnen zorgen.

Het leugenverhaal gaat over een Amsterdamse uitgever die naar aanleiding van een erfenis terugkeert naar zijn geboorteplaats in Zeeuws-Vlaanderen. Daar vraagt zijn oude leraar hem hulp bij problemen die hij heeft opgeroepen door een publicatie over Reynaert en de Graal. Die heeft allerlei nare gevolgen: zowel vastgoedmakelaars als neonazi’s en occulte groeperingen hebben er alles voor over om de Graal te vinden.

Het leugenverhaal werd bekroond met de Zeeuwse Boekenprijs 2007.

Kwelgeest speelt aan de universiteit Leiden, en op een chique tennisclub. Een docent is gefrustreerd in zijn onderzoek doordat een Duitse collega zijn Uilenspiegel-tekst niet vrijgeeft. En juist die Duitser wordt benoemd in zijn vakgroep! Maar dan wordt er op de tennisclub een zeer onverwachte ontdekking gedaan, die zowel met tennis als met Uilenspiegel als met het Nederlandse koningshuis te maken heeft.

In De duim van Alva verzetten rijke buurtbewoners zich tegen de overlast die jaarlijks door de Sinksenfoor wordt veroorzaakt, en die hun investeringen dreigt te devalueren. Hun acties gaan behoorlijk over de schreef. Er wordt gesuggereerd dat het kwaad van Alva doorwerkt via zijn standbeeld dat nog onder de grond zou liggen. De hoofdpersoon, een Nederlandse journalist uit Den Briel, gelooft er niets van, maar wordt er ten slotte het meest door beïnvloed.

Zwarte kant is gesitueerd in een klein, denkbeeldig dorp in de Dordogne, waar twee kasteelheren (een rijke industrieel, bezeten door Marie-Antoinette, en een verarmde baron) elkaar naar het leven staan. In het rijke kasteel vindt een congres plaats over smaadschriften tegen Marie-Antoinette. De hoofdpersoon, Nora, werkt in een antiquariaat in Amsterdam. Tijdens haar vakantie woont ze een aantal lezingen bij. Ongewild raakt ze betrokken bij de vijandschap tussen de twee heren, die via Marie-Antoinette wordt uitgevochten…

Kwelgeest

Ieder van jullie heeft een aantal eigen boeken geschreven. Zwarte kant hebben jullie samen geschreven.  Hoe voltrekt zich dit creatieve proces? Ik kan mij voorstellen dat het samen schrijven van een boek ook meningsverschillen kan veroorzaken. Hoe gaan jullie daarmee om?

Dat is met stip de meest gestelde vraag. Al de wederzijdse correcties verwerken is inderdaad soms een soort sensitivity training, waarbij je het verschil tussen het persoonlijke en het zakelijke steeds voor ogen moet houden in het belang van de uiteindelijke roman. Het huwelijk heeft stand gehouden, is er zelfs door verdiept.
De werkwijze? Eerst plannen we samen de grote plotlijnen en de onderverdeling ervan in hoofdstukken. We spreken af wie welke hoofdstukken voor zijn rekening zal nemen. Die tekst wordt dan door de ander door de mangel gehaald, gecorrigeerd en aangevuld, zodat uiteindelijk niet meer te zeggen valt door wie het hoofdstuk geschreven is. Het is onze bedoeling dat er door die werkwijze een derde stem ontstaat, die niet helemaal meer die van Paul of Corine is, maar van de duo-auteur “Kisling&Verhuyck”.

Zwarte kant

In Zwarte kant wordt een boeiend portret geschilderd van Marie-Antoinette. In het leven aan het Franse hof in die tijd is voldoende inspiratie te vinden voor een pakkende misdaadroman.  Hebben jullie ooit overwogen een boek over die periode te schrijven?

Eigenlijk is Zwarte kant dat boek. Maar zoals we eerder al zeiden, we schrijven geen historische romans. Verder is Marie-Antoinette inderdaad een inspirerende figuur, over wie al ontelbare romans, studies en films zijn gemaakt. Zelf hebben we veel gehad aan de historische studies over de – soms grof pornografische – smaadschriften tegen Marie-Antoinette, door met name Hector Fleischmann en Robert Darnton. Mochten we ooit een nieuw idee over haar krijgen, dan sluiten we een volgende roman over haar niet uit, maar dat is momenteel niet onze prioriteit, zoals we bij de laatste vraag uitleggen.

In Zwarte kant wordt een weinig positief beeld geschetst over de wereld van de boekenantiquariaten.  Louche en chantage-achtige praktijken lijken deel uit te maken van de dagelijkse bedrijfsvoering. Kwam er een reactie van de beroepsgroep? Zo ja, hoe was deze?

In Zwarte kant komt inderdaad een antiquaar voor die niet correct handelt. Wij veralgemenen dit niet tot de hele beroepsgroep, en beweren zeker niet dat dit bij “de dagelijkse bedrijfsvoering” behoort. Als een glazenwasser een moord pleegt, wil dat niet zeggen dat alle glazenwassers moordenaars zijn.
We hebben het typoscript trouwens eerst laten lezen door een bevriende antiquaar, die het bekeken heeft vanuit zijn professionele standpunt. Hij vond het een heel goed boek. Andere reacties van de beroepsgroep hebben we nog niet gehad.

De duim van Alva

Er is de laatste tijd nogal veel te doen over de opkomst van digitale boeken en e-readers en dan met name als het om piraterij gaat. Wat is jullie mening over de toekomst van het papieren boek?  Delen jullie de zorg van sommigen die beweren dat als gevolg van piraterij over enige tijd geen geld meer te verdienen is met het schrijven van boeken en dat daarom veel schrijvers zullen stoppen?

De vraag bevat verschillende elementen.

Ten eerste is het voortbestaan van het papieren boek versus het e-book wellicht niet zozeer een zaak van of/of, maar van en/en. De twee kunnen naast elkaar blijven bestaan. Wel is het zo dat de prijs van het e-book momenteel veel te hoog is (ongeveer 75% van het papieren boek), terwijl er geen drukkosten, distributiekosten en opslagkosten meer zijn. Daarom bestaat er sinds kort een e-book-site van auteurs www.boenda.nl die de e-pubs van verramsjte boeken veel goedkoper aanbiedt, maar dat initiatief moet nog wel groeien. Onze backlist (totaal elf e-books) is er al te downloaden voor 4,99 euro per e-book.

Piraterij? Piraterij is diefstal, en zou als zodanig bestraft moeten worden. Zoals op vele gebieden loopt ook hier de handhaving achter op de wetgeving. Het enige waar je op kunt hopen is een bewustwording van de consument en bij degene die boeken of CD’s illegaal kopieert. Een kopie is gauw gemaakt en men realiseert zich niet dat de auteur of artiest bestolen wordt van een toch al schamel inkomen.

Zullen schrijvers ermee stoppen als ze er geen geld meer mee verdienen? Schrijven is een drive die van binnenuit komt. De zeldzame commerciële hypes buiten beschouwing gelaten, kunnen maar heel weinig schrijvers van hun pen leven. Die toestand bestaat al eeuwen. Op hun budget zal de impact van piraterij eerder marginaal zijn. Ze zullen blijven schrijven en bestolen worden.

Meer impact is misschien te verwachten van de crisis in boekenland (slechts gedeeltelijk veroorzaakt door de financieel-economische crisis): het gevolg hiervan is dat de uitgeverijen minder titels op de markt zullen brengen.

Wat is jullie mening over de wijze waarop de Nederlandse politiek omgaat met de problematiek rondom de Hedwigepolder?

Op dat gebied zijn wij niet bevoegder dan de gemiddelde krantenlezer of tv-kijker. Nederland heeft zich in 2005 al gecommitteerd de polder onder water te zetten. Dat had in 2007 (2008?) al uitgevoerd moeten worden. Nederland wordt op de vingers getikt door België en Europa. Woord houden dus. Anderzijds wordt het langzamerhand wel tijd dat de reeks uitdiepingen van de Westerschelde (waarvoor de ontpoldering een natuurcompensatie zou zijn) t.b.v. de Antwerpse haven ophoudt. Bovendien willen de meeste Zeeuwen emotioneel liever niet ontpolderen, omdat Zeeland gewend is land op water te winnen en niet omgekeerd (cfr. “luctor et emergo”).

Hebben jullie plannen om weer samen een boek te schrijven? En zo ja, kunnen jullie een tipje van de sluier oplichten over waar dat boek over zal gaan?

Momenteel schrijven we weer eens afzonderlijk een roman. Corine “Het badhuis”, en Paul “April 58” (werktitels!). Daarna zijn we wel van plan opnieuw samen als Kisling&Verhuyck een paar duo-romans te schrijven met historische achtergronden als de pelgrimswegen naar Santiago, de vijftiende-eeuwse dichter-moordenaar François Villon, de profetieën van Nostradamus.

—————

 

Leighton Gage – Kwaad bloed

Ik ga beginnen aan het boek Kwaad bloed van de Amerikaanse schrijver Leighton Gage. Hieronder tref je een artikel/interview aan over Leighton Gage dat Ine Jacet en ik hebben geschreven ten behoeve van het forum van misdaadromans.nl, een website over misdaadroman waarvoor Ine het initiatief heeft genomen.

Inleiding

Leighton Cage is een Amerikaan. Mario da Silva is zijn hoofdpersoon en de boeken spelen zich af in Brazilië. De schrijver heeft in Australië gewoond, in Europa en in Zuid Amerika. Hij reisde lange tijd door Azië en Afrika en bezocht Spanje en Portugal ten tijde van Franco en Salazar, Ook ging hij naar Zuid Afrika in de tijd van de apartheid, naar het Chili onder het bewind van Pinochet en Argentinië ten tijde van de junta. Ook het communistische bewind maakte hij mee in: Praag, voormalig Oost-Duitsland en Joegoslavië.

Over Brazilië

Leighton Gage schrijft dus boeken die zich afspelen in Brazilië. Waarom?
‘Ik woon daar langer dan ergens anders ter wereld – al meer dan dertig jaar.’ Op de vraag waarom hij al zo lang in zo’n arm land woont, antwoordt de auteur: ‘Brazilië is niet arm. Het is een rijk land met een heleboel arme mensen. We zijn de achtste economie in de wereld en ons Bruto Nationaal Product is groter dan dat van alle Zuid-Amerikaanse landen samen. Wij hebben de grootste vloot na de Verenigde Staten met privé helikopters en privé straalvliegtuigen. Wij hebben een auto industrie, een computer industrie, een luchtvaart industrie en een ruimte industrie. Als je het hebt over de opwekking van energie dan zijn wij onafhankelijk in termen van aardgas en olie, hebben wij het grootste succesvolle biobrandstof programma in de wereld, wekken wij hydro-energie op in overvloed en hebben wij een groot aantal nucleaire krachtcentrales die met eigen uranium worden aangedreven Het land kent 200 miljoen inwoners en heeft overwegend goed bewerkbare grond. We zijn nummer 1 van de wereld in de export van vlees, sojabonen, sinaasappelsap, kip en een aantal andere voedingsmiddelen. En de bodem is rijk aan ijzer, bauxiet en goud.
Maar je hebt over een ding gelijk: er is veel armoede. Dat wordt veroorzaakt door het feit dat land en geld in handen zijn van slechts enkele rijken.
De schrijver toont zich hierover bezorgd maar verwacht ook dat het gaat veranderen. ‘De rijken kunnen het land en het geld controleren maar niet de verkiezingen. Iedere Braziliaan, ouder dan 18 is verplicht te stemmen. Dat is de wet. Je kunt een boete krijgen of zelfs naar de gevangenis gaan, als je het niet doet. ‘
‘Tegenwoordig is Brazilië een stabiele democratie zonder oorlogen. Er sterven geen jonge Brazilianen tijdens internationale missies. Er komen weinig mensen om tijdens natuurrampen. Ook kent Brazilië geen aardbevingen, tsunami’s, of orkanen. Dodelijke slachtoffers vallen voornamelijk in het verkeer, bij aardverschuivingen, overstromingen en door moord.
De andere kant is : ‘We hebben genoeg corrupte politici, omkoopbare rechters en misdadige politieagenten. Mijn woonplaats is een van de meest moorddadige steden in de wereld en Rio de Janeiro, dat hier ongeveer 400 kilometer vandaan ligt, blijft niet ver achter. Er worden ieder jaar meer politiemannen gedood dan in de Verenigde Staten, in Canada en het Verenigd Koninkrijk samen. Als ik behoefte heb aan inspiratie voor het schrijven van een misdaadroman, dan hoef ik de krant maar open te slaan.
‘Ik woon in een grote, smerige en gevaarlijke metropool. Als toerist zou ik er een paar keer heerlijk gaan eten en dan weggaan. Ik ben op veel plekken in de wereld geweest en kan je verzekeren dat de restaurants in São Paulo geweldig zijn. Helaas is er verder niet erg om aan te bevelen, maar rijd een paar uur en dan kom je bij het tropisch regenwoud, hoge bergen en geweldige stranden.

Mario Silva

De protagonist van Leighton Gage heet Mario Silva.
In het verleden regisseerde Gage documentaires. Op een dag las hij over een Braziliaan, die terugkeerde van een cursus die werd gegeven aan de nationale academie van de FBI in Quantico, Virginia. Er worden voorgezette opleidingen verzorgd voor leidinggevende politieagenten. ‘Ik dacht dat het verhaal van deze man voldoende stof zou bieden voor een interessante film. Ik heb met hem een project gedaan en heb veel geleerd over het leven van Braziliaanse politieagenten. Daarnaast heb ik een enkele dagen meegelopen met een leidinggevende en zijn mensen van een moordbrigade in Rio de Janeiro. Ik dacht toentertijd na over het schrijven van een roman en heb veel gehad aan deze ervaringen. Ze hebben zeker bijgedragen aan het waarheidsgehalte van mijn boeken.’
Brazilië kent de Federale Politie, een organisatie die kan worden vergeleken met de FBI.
Mario Silva is een federale agent uit Brasilia. Door van Mario een federale agent te maken kreeg de schrijver de mogelijkheid om hem bij elke vorm van misdaad te betrekken. ‘Mario moest een hoge leidinggevende zijn zodat hij zelfstandig onderzoeken kon doen. Om die reden moest hij gestationeerd worden in de federale hoofdstad Brasilia. Daar zijn alle leidinggevenden gehuisvest.

Schrijven en favorieten.

Wat schreef hij voor de Da Silva boeken?
‘Ik heb ooit een roman geschreven die nooit is uitgegeven. Hij werd steeds geweigerd. Achteraf vind ik dat terecht. Het was een slechte roman, maar dit boek heeft me wel geholpen vorm te geven aan mijn personages. Ik heb nooit spijt gehad van de tijd en energie die ik in dit manuscript heb gestopt.
Op de dag dat de eerste ‘Da Silva’ verscheen heb ik samen met mijn vrouw een fles champagne open getrokken. Dat was net nadat mijn uitgever belde, en ongeveer om half 12 in de ochtend. Later, in de middag hebben we nog een fles geopend en daarna nog een. Ik herinner me niet veel meer van die dag maar weet wel dat het een prachtige dag was. De volgende ochtend zag de wereld er, om de een of andere reden, niet zo fraai uit, maar ik was nog steeds ontzettend blij.
Ik ben geïnspireerd door meerdere auteurs maar heb nog altijd een zwak voor een ‘loser’ met de naam Arthur Abdel Simpson. Zijn bedenker is Eric Ambler. Hij was de eerste schrijver van internationale misdaadromans die ik erg bewonderde. Dat is overigens nog steeds het geval.

Tot slot

Het is aan te raden de boeken op volgorde te lezen. In het eerste boek worden de vaste personages geïntroduceerd.
In Nederlandse vertaling zijn inmiddels verschenen : Kwaad bloed (Blood of the Wicked) en Zwijgend graf (Burried Strangers) In november 2011 verschijnt Stervende adem (Dying Gasp) De schrijver heeft geen favoriet boek uit zijn eigen reeks. ‘Het beste boek is het laatst geschreven boek’. Ik leer nog steeds, schrijf en herschrijf eindeloos.